Alle documenten voor Latijn staan op de ELO in Magister.
Hieronder tref je een lopend commentaar aan op de teksten die in het vertaalgroepje besproken zijn.

De tranquilitate animi

r1 virtuti
Bij een gerundivum van verplichting komt vaak een dativus van de handelende persoon voor. Op zich is het woord virtuti hier niet een logische kandidaat voor omdat het een om een begrip gaat en niet om een persoon. Het door que eraan gelijk gestelde tekstelement studioso virtutis is dat wel (het gaat namelijk om een persoon) en daarom is virtuti ook op te vatten als dativus van de handelende persoon.

r1 fortuna
Het woord ‘lot’ heeft in het Nederlands meerdere associaties. Het gaat hier niet om ‘je lot’ dat vastligt, maar meer om het lot dat nu eens goed is dan weer slecht. Het woord kan ook als ‘ongeluk’ en ‘geluk’. Op dit moment in de tekst weet je nog niet of het om een positieve of negatieve invulling gaat, maar bij praedicet agendi facultatem weet je dat wel.

r2 non
Dit woord lijkt in het Nederlands bij fugiat te horen. Maar een coniunctivus heeft altijd ne als ontkenning. Het lijkt hier dus meer bij statim te horen.

r2 inermis
Dit woord is figuurlijk gebruikt. Een manier om je te wapenen tegen ‘ongeluk’ is bijvoorbeeld hoop houden of relativeren. Ook latebras quaerens r2-3 en persequi r3 zijn figuurlijk gebruikt.

r3 parcius
Dit is een metafoor. Seneca vergelijkt een situatie waarbij je zuinig met je geld moet omgaan, met de situatie van ongeluk waarin je minder kunt en dus zuinig met je krachten/mogelijkheden moet omspringen.

r4 officiis
Dit kan zowel wijzen op ‘taken’, ‘plichten’ als ‘ambten’.

r4 civitati
Dit woord wordt vaak als ‘burgerij’ of ‘staat’ vertaald. Denk eraan dat Romeinen hiermee een concrete groep burgers voor ogen hadden die samen probeerden te overleven als stad. Het woord heeft dus een veel minder afstandelijke klank dan het woord ‘staat’ bij ons.

r5 honores
De Romeinen vonden het besturen van de stad een ereambt. Daarom kregen bestuurders in Rome ook niet betaald. Hun ambten werden honores genoemd. Hier merk je pas dat het eerdere officiis meer omvat dan ‘ambten’. De eerste taak van een burger is strijden voor de stad (militare r5). Als dat niet kan, is besturen second best.

r5 privato
De Romeinen maken een strikte scheiding tussen functioneren in het openbaar (publice) en functioneren als privépersoon. Dat openbaar optreden betekende dat je optrad in dienst van de gemeenschap. Publice wilde niet zozeer zeggen dat je optrad in de privésfeer, maar dat je niet optrad in dienst van de gemeenschap.

r5 orator
Het nut van een orator moet je in eerste instatie zoeken in de juridische sfeer. Een orator kon optreden als advocaat en zo helpen met het winnen van rechtzaken.